Home
  • Home
  • nieuws
  • De vergeten geschiedenis van de Emslandkampen

De vergeten geschiedenis van de Emslandkampen

nieuws


Dat is het onderwerp van de lezing die gehouden zal worden op de jaarlijkse donateursavond op 26 sept. a.s. van de stichting ‘Vrienden van de Aaltense Synagoge’.
“Het gesar, het geweld van de bewakers, het was verschrikkelijk. Het begon bij aankomst in het kamp. We moesten in looppas, rennen, je laten vallen, opstaan, je laten vallen, opstaan enz. Gaat het volgens de bewakers te langzaam, dan trappen ze je of slaan met hun geweer. Aan de slachtoffers is geen droog draadje of plekje meer te vinden. Velen braken…”. 
Dit citaat is van Günter Daus, overlevende van een van de vijftien concentratiekampen die vlak over de grens met Drenthe en Groningen in Duitsland hebben gelegen. Deze Emslandlager zijn eenvoudigweg jarenlang doodgezwegen. De heer P. Albers uit Emmen heeft aan de hand van publicaties, mondelinge getuigenissen, boeken en radio-uitzendingen de geschiedenis van de kampen onderzocht en er ook een boek over geschreven onder de titel Gevangen in het veen, de geschiedenis van de Emslandkampen in het Bourtanger Moor.
In een lezing tijdens de donateursavond van de Stichting Vrienden van de Aaltense Synagoge zet de heer Albers o.a. in op mogelijke redenen waarom de kampen werden verzwegen. Nederland speelde in ieder geval een kwalijke rol. In de kampen zaten voor de oorlog politieke gevangenen: tegenstanders van het Nazi-regime. Ontsnapte gevangenen werden door de Nederlandse marechaussee zonder aarzelen overgeleverd aan de Duitsers. Vaak werden ze terug naar het kamp doodgeschoten. Op de vlucht neergeschoten, heette dat dan. Pas in de jaren tachtig drongen vooral jonge Duitsers erop aan, dat de gruwelijke geschiedenis van de kampen niet vergeten zou worden.

De avond vindt plaats op dinsdagavond 26 september a.s. om 20.00 uur in De Salon van activiteitencentrum De Hofnar, Polstraat 7 in Aalten. Niet alleen donateurs, maar ook belangstellenden zijn van harte welkom. De toegang is vrij, wel wordt bij de uitgang een vrije gift gevraagd voor het werk van de Stichting.